Zakelijk Prive Modellen Fiscale adviesdossiers

Stel hier uw vraag!

Volledige naam *
Bedrijfsnaam
Telefoon *
5 + 3 =

Eindejaarstips 2015 voor ondernemers

Hieronder de eindejaarstips 2015 voor IB-ondernemers, zoals bij een eenmanszaak, maatschap of VOF.

  1. Verhoog uw eigen vermogen in de onderneming, dit met het oog op de dotatie aan de FOR. Eventueel vermogen vanuit privé aan uw onderneming storten of aan het einde van het jaar minder opnemen.
  2. Investeringen goed timen, heeft u meer dan € 2.500 in 2015 geïnvesteerd, dan kunt u het beste de investeringen voor 2016 in 2015 aankopen.
  3. Beloon uw meewerkende partner of meewerkende kinderen.
  4. Maak gebruik van de kleine ondernemersregeling door vóór eind 2015 nog investeringen te doen.
  5. VAR komt in 2016 te vervallen, kijk hier goed naar, de regeling begint per 1 april 2016. Het is verstandig om een nieuwe overeenkomst met uw opdrachtgever te sluiten en deze eventueel voor te leggen aan de Belastingdienst.
  6. Als u niet alle dagen bij uw B.V. aan het werk bent, kunt u overwegen om naast uw B.V. een eenmanszaak op te starten. Met name bij winsten tot zo’n € 50.000 is het effectieve belastingtarief laag. U moet er wel minimaal 20 uur per week werkzaamheden in verrichten. Als u deze uren niet haalt, is in 2010 een onderneming ook aantrekkelijk, 12% van uw winst is vrijgesteld.
  7. Heeft u op uw balans (over 2011, 2012, 2013 of 2014) een BTW-schuld staan, dan moet u deze snel doorgeven aan de Belastingdienst (via suppletie). U voorkomt hiermee heffingsrente en een mogelijke boete. De Belastingdienst is nu druk aan het controleren op BTW-schulden in aangiften VPB en IB.
  8. Als ondernemer (voor de inkomstenbelasting en vennootschapsbelasting) heeft het zin om u eens te verdiepen in de fiscale mogelijkheden voor speur- en ontwikkelingswerk. Er zijn meerdere mogelijkheden: minder loonheffing betalen (WBSO); sneller afschrijven (RDA), lagere winstbelasting in de B.V. (innovatiebox); achtergestelde lening via Agentschap.
  9. Als uw voorlopige aanslag 2015 te laag is, moet u deze aanpassen. De belastingrente is verhoogd van 4% naar 8% (over te lage betaling). Pas uw voorlopige aanslag dus tijdig aan.
  10. Als uw voorraad een lagere waarde heeft of een vordering (bijvoorbeeld op een debiteur) minder waard is of geen waarde heeft, boek deze dan af ten laste van uw resultaat. Het is ook mogelijk om activa, bedrijfsgebouwen of vorderingen op gelieerde vennootschappen af te waarderen.
  11. ls u een bedrijfsmiddel in 2015 met winst heeft verkocht, dan kunt u de winst in een reserve onderbrengen (herinvesteringsreserve, de zogenaamde HIR). De HIR mag u maximaal 3 jaar aanhouden. Het is wel van belang dat het nieuwe bedrijfsmiddel een zelfde economische functie vervult of het bedrijfsmiddel in niet meer dan 10 jaar wordt afgeschreven. Het voornemen om te herinvesteren moet u wel schriftelijk vastleggen door de directie, hierbij moet dezelfde B.V. of onderneming het herinvesteringsvoornemen hebben. Leg dit voornemen vast in een besluit, investeringsprogramma, plan of via een offerte.
  12. Als ondernemer moet u alle onbelaste vergoedingsmogelijkheden benutten.
  13. Als u in 2015 een verlies verwacht, dan kunt u dit verlies wellicht verrekenen met winsten uit vorige jaren. Verzoek om de voorlopige aanslag 20154 tot nihil te verminderen en dien begin 2016 een verzoek in voor een voorlopige verliesbeschikking.
  14. Binnen de de eenmanszaak, maatschap of VOF kunnen winsten worden uitgesteld. U kunt winsten uitstellen door het opnemen van voorzieningen, dit is maatwerk. U kunt denken aan de volgende voorzieningen: Dubieuze debiteuren: debiteuren die waarschijnlijk niet gaan betalen, Sabbatical leave: bij reguliere werknemers, adviseurskosten, reorganisatie, groot onderhoud aan bijvoorbeeld uw bedrijfspand of garanties en service aan reeds geleverde producten. 
  15. Binnen een IB-onderneming worden rendementen belast tegen een maximaal tarief van 47%. Binnen de B.V. is dit tarief zo’n 42%. Als u vermogen in box 3 heeft belegd, is het rendement belast tegen 1,2%.  Bij positieve rendementen past uw vermogen derhalve het beste in box 3. 
  16. Als er minder dan 500 kilometer per jaar privé met de auto wordt gereden, hoeft geen bijtelling te worden toegepast. Zorgt u dan wel voor een sluitende rittenadministratie en een "verklaring geen privégebruik" (via Belastingdienst).
  17. Voor bestelauto’s gelden speciale regelingen, soms geldt de eindheffingsregeling waarbij de werkgever € 300 afdraagt en de werknemer vrij kan rijden.
  18. Sinds enkele jaren wordt de bijtelling verhoogd, afhankelijk van de milieuvervuiling van uw auto, de bijtelling bedraagt dan 0%,  7%, 14%, 20% of 25%. Voor dergelijke auto’s is de BPM lager en sinds 2008 ook de motorrijtuigenbelasting. Vanaf 2016 komt er een nieuwe regeling voor de auto van de zaak. Wilt u nog gebruik maken van de 7% regeling, koop dan uw auto in 2015, hiermee heeft u nog 5 jaar recht op een lagere bijtelling.
  19. Als uw bedrijf met freelancers werkt, zorg er dan voor dat u de beschikking heeft over VAR-verklaringen van deze freelancers. Een VAR-verklaring is thans één jaar geldig, dus vraag hem elk jaar aan uw opdrachtnemer. U kunt de VAR via de internetsite van de Belastingdienst digitaal aanvragen. Vanaf 2010 wordt de VAR in veel gevallen automatisch verstrekt. In 2016 wordt de regeling anders, u moet dan als ondernemers zelf bepalen of de VAR van de freelancer wel voldoet, hiervoor moet u een nieuwe overeenkomst met de freelancer / ZZP'er sluiten.

meer informatie over Eindejaarstips 2015 voor ondernemers

Samengevat:

>
>
>
>
>