Zakelijk Prive Modellen Fiscale adviesdossiers

Stel hier uw vraag!

Volledige naam *
Bedrijfsnaam
Telefoon *
4 + 1 =

Levensloopregeling

De levensloopregeling is in 2012 komen te vervallen. Er is een overgangsregeling tot 1 januari 2022. Als u meer dan 3.000 euro hebt gespaard dan heeft u 2 opties

  1. Tegoed opnemen tegen heffing over 80%  van het tegoed (dus 20% van uw spaarsaldo kunt u belastingvrij opnemen, kan in 2015 ook nog)
  2. Doorsparen tot 31 december 2021. U kunt tijdens de looptijd uw geld opnemen (geen voorwaarden). Per 2022 komt het bedrag ineens vrij.

Sinds 2013 is in kader van uniform loonbegrip SV-loon gelijkgetrokken met fiscaal loon, dus levensloopstorting verlaagd SV-loon en levensloopuitkering verhoogd SV-loon.

Vroegere levensloopregeling

Als vervanger voor de VUT is de levensloopregeling bedacht. Bijzonder is dat u het geld dat is gespaard voor de levensloopregeling niet mag gebruiken om met de VUT te gaan. Via de levensloopregeling kunt u 3 jaarsalarissen sparen, dit op basis van een salaris van 70% van uw laatst genoten salaris. De regeling kunt u gebruiken voor:

  • zorgtaken;
  • studie;
  • sabbatical;
  • opzetten eigen bedrijf;
  • deeltijdpensioen.

Hoe werkt de levensloopregeling?

Sinds 2006 kunt u 12% van uw jaarsalaris sparen, het bedrag gaat van uw bruto loon af. U spaart dus vanuit uw bruto loon en stort dit bedrag op een geblokkeerde bankrekening bij een bank of verzekeraar.

Voorwaarden levensloopregeling

De levensloopregeling wordt steeds meer toegepast, maar het is nog geen succes. De wettelijke regeling kent de volgende voorwaarden en aandachtspunten:

  • Opbouwpercentage maximaal 12% van uw salaris in het kalenderjaar.
  • Saldo op de levensloopregeling is vrijgesteld in box 3.
  • Bij overlijden gaat het saldo naar de erfgenamen.
  • Werknemer moet kiezen tussen spaarloon of levensloopregeling.
  • Werkgever moet de regeling schriftelijk vastleggen, een afwijking ten nadele van de werknemer is niet toegestaan, voor een voorbeeld kunt u hier kijken.
  • Inleg is niet aftrekbaar voor de berekening van de werknemersverzekeringspremies, inleg zal het SV-loon niet verlagen.
  • Uitkeringen zijn vrij van heffing werknemersverzekeringen.
  • Over de uitkering moet de werkgever loonbelasting, premies zvw, bijdrage zorgverzekeringswet en premies volksverzekeringen inhouden.
  • Bij wisseling van werkgever blijft de oude werkgever verantwoordelijk voor de inhouding, tenzij de werknemer bij de nieuwe werkgever ook aan de levensloopregeling gaat deelnemen.
  • Na gebruik mag het saldo weer worden aangevuld.
  • Werknemers hebben geen recht op verlof, het moet in overleg met de werkgever. Werknemer heeft wel recht op ouderschapsverlof.
  • Levensloopkapitaal mag worden omgezet in ouderdomspensioen (opletten dat pensioen niet bovenmatig wordt).
  • Als het kapitaal bij het bereiken van de 65ste verjaardag nog niet is opgenomen, moet het worden uitgekeerd als loon uit vroegere dienstbetrekking.
  • Bij opnemen of aanwending heeft de werknemer recht op een extra heffingskorting, deze levensloopkorting bedraagt ruim € 200 voor ieder jaar dat de werknemer aan de regeling heeft deelgenomen resp. er is gespaard. Let op dat u wel elk jaar een bedrag overmaakt naar de levenslooprekening.
  • De verzekeraar of bank mag het geld niet rechtstreeks overmaken naar de werknemer, dit moet via de werkgever of voormalig werkgever. Het zou praktisch zijn als de wetgever deze eis aanpast.
  • Spaarsaldo kan tijdens een WW-periode niet worden opgenomen, afkoop is dan wellicht wel mogelijk, mits de regeling dit dan ook toestaat.

meer informatie over Levensloopregeling

Samengevat:

>
>
>
>